epb berekenen nieuwbouw energieprestatie

Voor nieuwbouw- of renovatieprojecten in Vlaanderen gelden strenge regels omtrent energiezuinigheid. Deze eisen worden steeds verder aangescherpt. Vanaf 1 januari 2017 worden opnieuw enkele wijzigingen van kracht. De nieuwe regelgeving kan ook gevolgen hebben voor uw bouwproject.

Energiezuinig en comfortabel wonen

Het gemiddelde energieverbruik per huishouden is relatief hoog. Om dit terug te dringen, heeft de Europese Unie de zogenaamde EPB-normen (Energieprestatie en Binnenklimaat) opgesteld. De wetgeving is ingegaan op 1 januari 2006, en het geldt voor iedereen die een vergunning aanvraagt om te bouwen of te verbouwen. Deze Europese maatregel heeft een duidelijk doel. Alle nieuwe gebouwen moeten vanaf 2021 namelijk volgens het BEN-principe (bijna-energieneutraal) worden gebouwd. Hier wordt in stappen naartoe gewerkt.

In de EPB eisentabel 2017 staat exact vermeld wat de allernieuwste spelregels zijn. U dient onder meer rekening te houden met de thermische isolatie, de energieprestatie, de netto-energiebehoefte en het binnenklimaat. Deze elementen zorgen er gezamenlijk voor dat u uiteindelijk energiezuiniger én comfortabeler kan wonen.

Meer aandacht voor hernieuwbare energie

Hernieuwbare en duurzame energie zijn de toekomst. Niet voor niets verschijnen in het straatbeeld steeds meer woningen met zonnepanelen op het dak. In de EPB eisentabel voor 2017 zijn ook strengere maatregelen opgenomen op het vlak van hernieuwbare energie. Zo is het verplicht om jaarlijks ten minste 10kWh per vierkante meter vloeroppervlakte uit hernieuwbare energiebronnen te halen. Vanaf maart 2017 wordt die eis zelfs verhoogd naar 15kWh/m2 per jaar. Het plaatsen van een zonne-boiler is een veelgebruikte maatregel. Het installeren van een warmtepomp of een biomassaketel zijn andere gangbare methodes om het gevraagde niveau te halen.

Een andere belangrijke wijziging betreft de rekenmethode (EPW) die wordt gebruikt om het E-peil te berekenen. Het E-peil geeft de energieprestaties van een gebouw weer. Dit omvat factoren zoals ventilatie, verlichting en verwarmings- en warmwater-installaties. Hoe lager deze waarde, hoe energiezuiniger. In de rekenmethode werden een aantal aanpassingen doorgevoerd waardoor het o.m. mogelijk wordt om de opwekking van warmte (zowel voor ruimteverwarming als voor sanitair warm water) correcter in te rekenen.

Veranderde E-peil eisen voor niet-residentiële gebouwen

De nieuwe EPB eisentabel werd uitgebreid met een aangepaste E-peil eis voor alle niet-residentiële gebouwen. Voorheen was deze eis enkel van toepassing op kantoren en scholen. In de vernieuwde tabel zijn alle niet-residentiële gebouwen opgenomen. Industriële gebouwen vormen daarop de enige uitzondering.

De E-peil eis is sinds 1 januari 2017 meteen een stuk specifieker geworden. Daarvoor waren de normen voor kantoren, scholen,… dezelfde. Zo gold voor nieuwbouw-projecten een E-peil eis van 55, en bij ingrijpende energetische renovaties was er een maximum van E90. Deze algemene regels vervallen. Bij het bepalen van het E-peil wordt nu gekeken naar de specifieke functie van het gebouw. Dat betekent dat er vb. voor een gezondheidsinstelling andere normen gelden dan voor een sporthal, zwembad of een school.

Deze nieuwe spelregels vragen natuurlijk ook om een andere rekenmethode. Om het exacte E-peil te berekenen, werd de oude EPU-methode vervangen door de EPN-methode. Hierbij wordt de bestaande formule met vaste coëfficiënten en variabele parameters volledig losgelaten. Voor elk functioneel deel van het gebouw kijkt men nu naar een vaste set aan referentiemaatregelen. Op deze manier ontstaat er een nóg gedetailleerder beeld van de energieprestaties van het betreffende gebouw.

Ongewijzigde EPB eisen voor industriële gebouwen

De strengere regels gelden niet voor alle bouwprojecten. Voor industriële gebouwen blijft de regelgeving voorlopig ongewijzigd. Bij de volgende herziening van de EPB eisentabel kan hier opnieuw verandering in komen.